• Vets worden slim uitgecounterd door BVC: 1-3

    De wedstrijden van de veteranen tegen BVC? You win some, you lose some. Zaterdag 1 februari waren we de losers. Maar, zo spraken we elkaar achteraf moed in, we hadden ook zomaar de winnaars kunnen zijn.

    In de aanloop naar deze wedstrijd was er verwarring. Een week ervoor stond er nog helemaal geen wedstrijd op het programma. Leider Jeroen strikte de Willy’s uit Wilbertoord voor een potje op hun terrein. De wedstrijd werd halverwege de week verplaatst naar De Kluis, vanwege ons kunstgras. Toen meldde BVC zich. Zij hadden de Union veteranen in hun agenda staan voor 1 februari. Dus hadden we opeens twee tegenstanders. Jeroen loste dat creatief op door een mini-toernooitje te organiseren. We zouden alle drie een half uur tegen elkaar spelen. Goed voor de conditie, goed voor de baromzet. Tot de Willy’s zaterdag kort van te voren afzegden. Toen bleef er een reguliere wedstrijd tegen onze vrienden uit Beek over. En dat is altijd goed. We zijn aan elkaar gewaagd.

    De wedstrijd ontwikkelde zich vanaf het begin vrij eenzijdig. Wij aanvallen, zij verdedigen. De wedstrijdselectie was met 12 man niet heel dik bezet, temeer daar Frans een griepje onder de leden had en Pim de Canadese papsneeuw nog in de benen had. Maar we lieten ons er niet door afleiden. De bal ging lekker rond. Tot hun zestien. Daar strandden onze aanvallende ambities. Drie keer ontsnapte Guido dankzij een slimme steekbal vanaf het middenveld aan zijn directe tegenstander, drie keer stuitte hij op de Beekse sluitpost. Verder kwamen we tot enkele schoten vanuit de tweede lijn, maar die verontrustten Beek geenszins. Zo floot arbiter Kees bij een 0-0 stand voor rust.

    Kees nam de fluit ter hand bij afwezigheid van onze vaste scheids Jo. De 82-jarige Jo schitterde eerder deze week nog in de lokale krant, die een heel verhaal aan hem wijdde. Vandaag schitterde hij door afwezigheid. Kees bleek een stabiele vervanger, die zich niet van de wijs liet brengen door buitelingen en theater. De gemoederen willen nog wel eens verhit raken in de derby tegen Beek. Maar dit keer waren we de beste vrienden, tot ver in de nazit toe. Er is ook een belangrijk ecologisch voordeel als Kees fluit: dankzij zijn felgele fluorescerende kousen, kan de veldverlichting een kwartiertje later aan.

    Het was dus 0-0 toen Kees voor rust floot. We voorzagen geen problemen voor de tweede helft. Ook al probeerde BVC nog even zand in onze ogen te strooien door te melden dat twee hunner in de rust moesten vertrekken en zij met tien man zouden komen te staan. Of wij ook met tien man wilden spelen. Nou dan gaan we toch 4-4-2 spelen, snuggerde een van ons. Maar een snelle berekening leerde dat dat de oplossing niet was. Er werd na het nodige gepuzzel uiteindelijk voor 4-3-2 gekozen. Tot BVC na rust doodleuk liet weten toch met elf te zijn. Verwarring alom.

    Of dat de reden was, weten we niet. Wel weten we dat we na twee minuten met 0-1 achter kwamen. Het was de eerste serieuze aanval van hun kant. Ze speelden een counter doeltreffend uit. Kort daarna kreeg invalkeeper Heddy een terugspeelbal te verwerken die iets harder bleek dan verwacht. Hij rende achter de bal aan en kreeg hem via de paal net voor de doellijn in handen. Een meevallertje dachten we nog, maar korte tijd later stond de 0-2 toch op het scorebord. Opnieuw door een counter.

    Wij vielen aan en zij verdedigden zeer compact. Spits Corné kreeg geen ruimte. Soms wat het zo druk in hun zestien dat de bal er niet meer bij paste. Die werd dan weggeschoten en belandde in het niemandsland, tussen het middenveld en onze laatste linie. Daar stond telkens een BVC’er die ‘m oppikte en zo een counter inluidde.

    Eén keer draaide Corné op links goed weg. Legde de bal perfect voor en Guido liep ‘m binnen. Hèhè, zo moet dat dus! En er was nog tijd: zeker een kwartier. Dus vatten we de moed op en trokken weer ten aanval. Om voor de derde keer in dezelfde val te trappen. De bal werd weggerost, opgevangen en uitgespeeld. Na de 1-3 vloeiden onze krachten weg. We geloofden er niet meer in. Het was mooi geweest.

    Gelukkig kwam Jeroen met een rondje bier in de kleedkamer. Ook BVC kreeg een rondje, om de vriendschapsbanden nog maar eens te bevestigen. “Zo”, zei Fred, terwijl hij aan de schuimkraag nipte. “En nu nog tegen de Willy’s!” Maar de Willy’s waren er niet. Corina was er wel en zij zorgde ervoor dat wij en ons collega’s uit Beek nog lekker wat te drinken hadden in de derde helft.

    WiM
    02-02-2020